Juridisch woordenboek
- Bedrijfsjurist: Een bedrijfsjurist zorgt ervoor dat binnen een onderneming alle juridische zaken op orde zijn. Tot de taken van de bedrijfsjurist behoren onder andere: het opstellen en controleren van inkoopcontracten, het beheren van de verzekeringsportefeuille, de juridische aspecten van personeelszaken, het juridisch adviseren van werknemers en de directie. Een bedrijfsjurist werkt meestal nauw samen met de directie. Gemiddeld is er bij grotere bedrijven behoefte aan één bedrijfsjurist per 1000 werknemers. Voor kleinere bedrijven bestaat de mogelijkheid om een externe bedrijfsjurist in te schakelen. Bedrijfsjurist is meestal een beroep dat niet voor starters is weggelegd. Hoewel starters vaak wel de vereiste juridische kennis hebben, hebben ze meestal nog onvoldoende ervaring.
- CBFA: De Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen (CBFA), ontstaan uit de integratie van de Controledienst voor de Verzekeringen (CDV) in de Commissie voor het Bank- en Financiewezen (CBF), is sinds 1 januari 2004 de enige toezichtsautoriteit belast met de controle op de Belgische financiële sector.
- Commanditaire vennootschap: Een commanditaire vennootschap (cv) is een speciaal soort vennootschap onder firma. In deze vennootschapsvorm zijn er één of meer beherende vennoten en één of meer stille vennoten. Deze laatste hebben slechts een financiële inbreng en worden ook wel commanditaire vennoten genoemd. De beherende vennoot is dan de gecommanditeerde vennoot, hij die bevoegd is om te handelen namens de vennootschap.
- Data room: Met een data room wordt bedoeld dat de verkoper en zijn adviseurs - soms echter de doelvennootschap zelf - bepaalde vertrouwelijke informatie op één plaats verzamelen en gedurende een afgesproken periode ter beschikking stellen aan potentiële kopers. De data room wordt meestal buiten de doelvennootschap zelf georganiseerd. Men poogt zo om de vertrouwelijkheid van de onderhandelingen ten aanzien van het personeel van de doelvennootschap te beschermen en ook om mogelijke operationele hinder voor de doelvennootschap zo veel als mogelijk te beperken. In de praktijk stelt men bij grotere transacties ook vast dat deze processen steeds vaker electronisch worden beheerd en de informatie ter beschikking wordt gesteld via het internet in een zogenaamde virtuele data room met beveiligde toegang.
- Gerechtelijk akkoord: Een gerechtelijk akkoord kan volgens het Belgisch handelsrecht aan een ondernemer of onderneming worden toegestaan als die tijdelijk haar schulden niet kan betalen of als er moeilijkheden zijn, waardoor het voortzetten van de onderneming bedreigd wordt. Het kan de voorbode van een faillissement zijn, maar het zou ook de redding kunnen betekenen. Dat is ook de bedoeling van een gerechtelijk akkoord; het kan alleen worden toegestaan als het economisch herstel mogelijk is.
- KMO: De Vlaamse regering en de Europese Gemeenschap beschouwen bedrijven met minder dan 50 ondernemers als klein en leggen de grens voor een KMO op maximaal 250 werknemers. Naast het aantal werknemers zijn er andere criteria inzake omzet en zelfstandigheid. Zij vertegenwoordigen dus zowel éénmans-bedrijven ("de slager om de hoek") als redelijk kapitaalsintensieve bedrijven als bijvoorbeeld software-leveranciers.
- Non Disclosure Agreements (NDA): Een geheimhoudingscontract dat er voor moet zorgen dat de ene partij de unieke onderdelen van een product of dienst die wordt toegelicht door een andere partij niet kan gebruiken voor eigen doeleinden en informatie die samenhangt met een product, dienst, of idee voor zich houdt en, behoudens medewerkers in het bedrijf zelf, geheimhoudt.
- Recht van opstal: Het recht van opstal (ook wel opstalrecht genoemd) is een (zakelijk) recht om in, op of boven een onroerende zaak van een ander gebouwen, werken of beplantingen in eigendom te hebben of te verkrijgen. Doorgaans wordt een opstalrecht gevestigd wanneer de huurder van grond daarop een gebouw plaatst. Zonder recht van opstal zou door natrekking de opstal eigendom worden van de eigenaar van de grond.Een recht van opstal wordt door middel van een notariële akte ingeschreven in het kadaster. Degene die het recht van opstal heeft, heet de opstaller. De eigenaar van de grond waarop een opstalrecht is gevestigd wordt blote eigenaar genoemd. In België wordt het recht van opstal geregeld door een wet van 10 januari 1824, een van de weinige wetten uit de tijd van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden die nog altijd onveranderd geldig zijn.
- sui generis: (rechtswetenschap) Latijn: met een eigen bestaansreden, op zichzelf staand, niet ogenblikkelijk ergens onder te brengen.
- Voorkeursrecht: Het voorkeursrecht (of recht van voorverkoop) is een wettelijk of contractueel recht ten gunste van bepaalde privépersonen (huurders, landbouwers, mede-eigenaren van een onverdeelde boedel, enz.) of publiekrechtelijke rechtspersonen (lokale overheden, enz.) om een goed met voorrang op alle andere personen te kopen wanneer de eigenaar zijn voornemen tot verkopen kenbaar maakt. Het voorkeursrecht vloeit voort uit de wet of uit een overeenkomst tussen de belanghebbenden. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat de statuten van een onderneming voorzien in een voorkeursrecht op de aandelen van de onderneming ten gunste van de vennoten of de aandeelhouders om te voorkomen dat een buitenstaander een deel van het maatschappelijk kapitaal kan kopen.
Bent u op zoek naar gedegen juridisch advies?
Met meer dan tien jaar ervaring in het bedrijfsleven kunnen wij U van dag één 100% productief ten dienste staan. Talpe Consult BVBA is u graag van dienst. De juridische specialist bij u in de buurt.